• Collateraal in Nepal

    Sinds afgelopen zondag is er in Nepal een nieuw load-shedding schema ingegaan. Load-shedding staat hier voor de manier waarop de beschikbare elektriciteit wordt verdeeld. Met het nieuwe schema is een ding duidelijk geworden: Nepal heeft een groot probleem. Met 108 van de 168 uren in een week geen stroom is er een onvoorstelbare situatie ontstaan. Vaak is er overdag maar vier uur stroom, de andere vier uur wordt over de nacht verdeeld. 

    Zonder stroom worden veel dingen onmogelijk. Omdat er geen druk op de waterleidingen staat is er geen lopend water meer, de pompen werken op elektriciteit. Daardoor zijn veel Nepali afhankelijk van watertrucks, die niet kunnen rijden omdat er geen elektriciteit is om het water in de trucks te pompen. Nepali die al eerder batterijen hebben aangeschafd om het dagelijks leven in stand te kunnen houden hebben nu te weinig uren stroom om de batterijen op te laden. Ook ontstaat er langzaam een tekort aan diesel die de generatoren van ondernemers draaiende houdt.

    Ik hoor verhalen over ondernemers die per dag 200 euro extra moeten uitgeven voor de diesel. In een land waar het minimum maandsalaris onlangs is verhoogd van 33 naar 46 euro is dat onvoorstelbaar veel geld. Door het elektriciteitsprobleem en de absurde verhoging van 39 procent moeten veel ondernemers hun zaken sluiten, waardoor alle werknemers op straat staan. ‘Collateral damage.’

    Daarnaast is de afvalruimdienst in Kathmandu sinds kort in staking; ze eisen meer geld voor hun families die achtergebleven zijn in de dorpen buiten de vallei. Gevolg: enorme bergen afval midden op straat. Er ontstaan overal opstoppingen en files vanwege de vaak voor meer dan de helft onbegaanbare straten. Door deze nieuwe files blijft er weer meer smog in de lucht hangen.

    Met al deze problemen verbaas ik mij keer op keer op het incasseringsvermogen van de Nepali. Ze zijn gefrustreerd, boos, maar leggen zich neer bij de situatie. Er is geen stroom, zo is het leven. De straten zijn smerig, zo is het leven. Wat nu? Stort de economie niet als een kaartenhuis in elkaar? Niemand weet het, maar iedereen die ik ernaar vraag, reageert hetzelfde: het is zoals het is.

    Wanneer ik vervolgens lees over de ‘tragedie’ in Snowworld, Zoetermeer, waar honderden families een dag niet konden recreëren omdat de elektriciteit een paar uur uitgevallen was, besef ik pas echt dat ik in een andere wereld ben.

    Posted on January 20th, 2009 to Blog | 4 Comments » 

  • Verloren enthousiasme en witte Suzuki’s

    In de eerste zes weken van mijn verblijf in Nepal heb ik een zeer uitgebreid logboek bijgehouden dat dag per dag beschreef wat ik deed. Zoals met veel goede gewoontes ben ik inmiddels mijn ambitie verloren dit vol te houden. Ik ben mij gaan afvragen waarom het mij zo vaak gebeurt dat ik vol enthousiasme ergens aan begin, maar later, wanneer de nieuwigheid eraf is, het een last wordt die ik niet meer wil dragen.

    Ik weet zeker dat ik niet de enige ben. Denk aan het starten van een nieuw project; het verven van de eerste muur; het beginnen aan een nieuwe baan; het lezen van de eerste bladzijde; het inplakken van de eerste foto; het schrijven van de eerste zin; en ga zo maar door. Het punt waarop fantastische ideeën nog alle kanten opschieten en alles mogelijk is. Het moment dat je nog niet vooruit hoeft te kijken en nog niet bezig bent met eventuele beperkingen. Het moment dat je nog niet hoeft vol te houden en niet hoeft door te zetten. Dat is fijn, verslavend.

    Op deze manier heeft iedereen wel dromen, gedachten of beginnetjes op papier. Misschien al van jaren terug. Ik probeer er een gewoonte van te maken deze losse eindjes te bewaren en regelmatig terug te halen. Wanneer ik geen inspiratie heb of even toe ben aan iets nieuws kan het heel bevredigend zijn om dat oude idee, dat oude boek of die oude bezigheid weer op te pakken. Ik kijk dan met een frisse blik tegen mijn toen verloren enthousiasme aan, wat mij vaak genoeg reden geeft het project nieuw leven in te blazen.

    Hoewel ik zeker weet dat ik geen zin meer krijg om in Nepal nog mijn logboek bij te houden, ben ik er van overtuigd dat ik het niet voor niets geschreven heb. Wellicht word ik aangespoord een nieuw logboek te beginnen als ik de stukken teruglees, maar dan in een nieuwe vorm of in een andere stijl, zodat ik het op die manier wél volhoud.

    Om op dit moment toch nog het gevoel te krijgen dat ik niet voor niets vijftig bladzijden vol heb geschreven, is hieronder een passage te lezen die typerend is voor mijn leven in Nepal.

    Vroeg opgestaan, nog snel een broodje naar binnengewerkt en met een taxi naar de bushalte gegaan. Alle taxichauffeurs rijden in kleine witte Suzuki’s waarin ik mijn hoofd de hele tijd tegen het dak stoot. Gordels kennen ze in Nepal niet, rijles ook niet. Je krijgt je rijbewijs wanneer je om een paar paaltjes heen kan rijden. Of wanneer je wat roepies neerlegt. Nepali rijden links, maar wie het eerst komt, wie het eerst maalt. Rechts rijden is dus geen uitzondering, de rest van het verkeer aan de kant drukkend. Daarbij is toeteren geen teken van aggressie. Hoe harder je toetert, hoe beter. Waarom weet ik eigenlijk niet.

    Eenmaal aangekomen nog een tijdje gezocht naar onze bus, aangezien er zo’n twintig staan. Vlak voor vertrek onze bus gevonden. Bagage op het dak en instappen maar. Het gangpad is zo nauw dat ik mijzelf alleen zijdelings tussen de stoelen door kan wringen. Een wat hobbelige busrit gehad; de bus heeft nauwelijks tot geen schokdempers en nogal moeite met bergopwaarts. De chauffeur zet de bus op zulke momenten in z’n een en tuft met een loeiende motor omhoog. Vaak nonchalant met een hand aan het stuur, aangezien hij met de andere hand aan het bellen is. Hij heeft een irritant kerstdeuntje als ringtone. Vangrails kennen ze in Nepal jammer genoeg ook niet.

    Omdat we niet harder dan stapvoets rijden (bergopwaarts tenminste) heb ik de kans om de omgeving wat beter te bekijken. De bus rijdt door het noorden van Chitwan, een jungleachtige omgeving in de bergen. Veel van het dagelijks leven van Nepalezen meegemaakt, wat zich voornamelijk aan de straatkant afspeelt. Eigenlijk komt het erop neer dat de mannen niets doen en de vrouwen werken. Nepalese vrachtwagens zijn ook erg leuk om te zien. Ze zijn vaak versierd met slingers, beschilderd in felle kleuren en hebben allemaal een eigen toeterdeuntje. Ook staan er bemoedigende teksten op de bumpers, zoals ‘Long Life, Slow Drive’, ‘Speed King, 40 KM/H’, ‘No Fear’ en ‘Oh My God, Please Safe Me’. De busreis duurt wat langer vanwege het constante in- en uitstappen van Nepali, die met hun tassen en dozen op een gegeven moment de hele bus hebben volgebouwd. Beetje verwaarloosd aangekomen.

    Voor meer reisverhalen kan je terecht op de website van mijn vriendin.

    Posted on January 2nd, 2009 to Blog | 3 Comments » 

  • Hoe pretenties te overwinnen en van amateurisme je kracht te maken

    Een paar dagen geleden is het Kathmandu International Mountain Filmfestival begonnen. Het aanbod is van overwegend Nepalese origine, naast een aantal coproducties uit westerse landen. Ik heb inmiddels een aantal films gezien en heb mij onbewust of bewust vaak geërgerd aan de prententies die veel films hadden.

    Voordat ik mijn ergernis ga toelichten wil ik benadrukken dat ik pretenties niet gelijk stel met amateurisme. Het is niet mijn intentie beginnend makers te demotiveren zelf films te maken. Ik ben zelf ook een beginnend maker. Alleen in het hebben van pretenties komt wel amateurisme naar voren. Het toont aan dat de maker niet goed heeft nagedacht over zijn of haar capabiliteit.

    Schat jezelf niet te groots in

    Een terugkerende gedachte in de eerste films van beginnend makers is dat de stijl en structuur van een gemiddelde Hollywoodfilm relatief eenvoudig gekopieerd kan worden. Er zijn een hoop zelfhulpboeken die met een 10-stappenplan eeuwige roem beloven en het hele maakproces van een gemiddelde Hollywoodfilm tot in de puntjes uitleggen. Daarmee wordt vaak vergeten dat een Hollywoodfilm vaak een negencijferige productie is. Het kan met veel minder, maar een bioscoopwaardige film maken is duur, daar komt niemand onderuit. Hollywood is een goed geoliede geldmachine, gedreven door routineuze massaproductie. Probeer daar niet tegen op te boksen, want de gevolgen zijn desastreus:

    1. je ergert je kijkers met knullig drama, vanwege gebrek aan ervaring (zowel voor als achter de camera);
    2. je montage blijkt toch niet zo scherp, vanwege de vaak beperkende klassieke montageregels die niet geijkt zijn op amateurproducties;
    3. je klassieke mise-en-scène lijkt toch erg plat en onuitgesproken, vanwege het gebruik van goedkope belichting of van al op de set aanwezige lichtbronnen;
    4. je camerabewegingen zijn toch niet zo vloeiend, vanwege het gebrek aan cranes en dolly’s, ondanks dat je bedacht hebt dat een rolstoel ook goed werkt;
    5. en die dramatische muziek blijkt hier toch eerder tenenkrommend dan traanverwekkend te werken.

    Ook zijn wij niet allemaal geboren schrijvers en wordt vaak vergeten dat het schrijven van een goed script een van de lastigste taken in het maakproces is. Een gemiddelde scriptschrijver heeft een flinke stapel afgewezen scripts die alles in zich hadden die een gemiddelde Hollywoodfilm in zich moet hebben (identificeerbare personages, een sterke dramatische lijn, een climax, een alles-is-weer-in-balans resolutie en de familie als institutie, inclusief trouwe hond) en toch niet die schwung hadden. Probeer daarom niet een verhaal dat anderhalf uur nodig heeft in een kwartiertje te proppen. Kijkers hebben minimaal een kwartier tot een half uur nodig om zich te kunnen identificeren met je personage. Houdt jezelf dus niet voor de gek en houdt het simpel.

    Hoe geluid je film kan redden

    Je hebt beschikking tot een kleine camera. DV-CAM, of misschien met een beetje geluk HDV. Genoeg om een film te maken dus. Je bent er bijna, maar let op. Het is niet de specificatie van de camera die het kaf van het koren scheidt. Dat doet het geluid. Er is niets waar kijkers zich meer aan ergeren dan slecht geluid. Hij of zij haakt al snel af, het volgen van de film kost te veel energie. Wij hebben een natuurlijk filtermechanisme in ons gehoor, we zijn in staat selectief te luisteren. Een vaste cameramicrofoon kan dat niet. Luister naar alle omgevingsgeluiden om je heen, probeer die in je hoofd te versterken, en laat iemand vanuit een andere kamer tegen je praten. Laat vervolgens iemand in je oor fluisteren. Dat is het verschil. Heb aandacht voor geluid en laat amateurisme in je voordeel werken.

    Maak van amateurisme je kracht

    Er is maar een regel: gooi alle regels overboord en begin overnieuw. Breng je film terug naar de essentie; je wil een verhaal vertellen en iets teweegbrengen bij je kijkers. Alles staat in het teken van dat doel. Mooie plaatjes maken kan altijd nog, wanneer je jezelf bewezen hebt als filmmaker die zich niet laat weerhouden door budgettaire beperkingen. Kijk Festen of een andere Dogmafilm en laat je inspireren.

    Tot besluit een aantal tips om je op weg te helpen:

    1. Houdt vast aan een stijl die goed uitvoerbaar is, rekening houdend met je technische beperkingen.
    2. Wees consequent in het doorvoeren van je stijl om van technische beperkingen een kracht te maken.
    3. Vertel zo min mogelijk met woorden, en zo veel mogelijk met beelden; werk met metaforen.
    4. Houdt niet of nauwelijks vast aan een vooraf bedachte enscenering en dialoog; laat je acteurs improviseren om zo natuurlijk mogelijke scènes te creëren.
    5. Houdt het verhaal simpel; complexe plots en onverwachte wendingen zijn leuk, maar komen al snel gemaakt over. Laat je film schitteren in eenvoud.

    Succes met het maken van je eerste film.

    Posted on December 21st, 2008 to Blog | 1 Comment » 

  • Anarchie

    Na twee uur wachten was het zo ver. Vlak voor de sprong vraagt een Nepali aan mijn piloot of alles wel goed gaat. Hij ziet er inderdaad een beetje bleek uit. Met Emile ging het echter prima, volgens Emile. Geen zorgen.

    Een paar tellen later zweefde ik op 1500 meter door de lucht en was ik inderdaad mijn zorgen vergeten. Vandaag ben ik van een berg afgesprongen. Gelukkig met een paraglider boven mijn hoofd.

    In de busrit van Kathmandu naar Pokara heb ik het boek van Timothy Ferriss uitgelezen. Het gaf een goed gevoel dit boek juist nu te lezen, en niet in de collegebanken of tijdens een ander duf moment in mijn thuisstad, Amsterdam. Het boek vertelt je dat al die dromen die je hebt wél mogelijk zijn. Je kan een paar uurtjes per week werken, je kan de hele wereld rondreizen en toch genoeg geld verdienen. Je moet alleen het lef hebben te springen.

    Een maand geleden vertrok ik met mijn vriendin en coregisseur naar Kathmandu om een documentaire op te nemen over de Nederlandse fashion designer Jitske Lundgren en haar project; het opstarten van een nieuwe fabriek in Kathmandu. Een paar dagen geleden zijn we begonnen met draaien en is er weinig over van ons oorspronkelijke plan. We leven echt in een andere wereld.

    Nepali leven in anarchie. Ze zeggen geen nee. Maar soms bedoelen ze het wel. Blank zijn biedt privileges, maar werkt op straat stigmatiserend. Je integreert nooit.

    Juist dat maakt Jitske’s project in Nepal zo interessant. Waarom zou je werken in een land waar je als westerling weinig tot niets begrijpt van de Nepalese werkethiek? Er is geen commitment, en dat is logisch, omdat overleven op de eerste plaats komt. Wanneer een ander tien cent meer per uur biedt is de keuze snel gemaakt.

    Het is goed om een boek dat luidkeels

    You can have it all!

    schreeuwt te kunnen relativeren door om je heen te kijken in een van de armste landen ter wereld. Toch realiseerde ik mij, op 1500 meter in de lucht, dat die gedachte nog geeneens zo gek is.

    In deze weblog zal ik uitwijden over mijn projecten en interesses. Dit artikel is het eerste deel van een serie over Nepal.

    Posted on December 6th, 2008 to Blog | 2 Comments » 

Sacha Post RSS Feed

On visual creativity, personal experience and other interests.

My name is Sacha Post. You've reached my personal blog and portfolio. I'm usually living in Amsterdam and have a passion for visual creativity. After getting involved in various projects I founded Mix'in Motion, a small video production agency. Right now, I'm shooting a documentary in Kathmandu about a fair-trade fashion label based in Amsterdam. You can check out my photostream at Flickr, logs and other content about our project will be online soon. Fast internet is rare in Nepal, so note that streaming content for my portfolio will be posted over time, when I'm able to.

Please note that most blog articles will be written in Dutch, for now. Leave a comment or send me a mail at post [at] sachapost [dot] nl to convince me otherwise.


Archive for Blog


TAG / CLOUD

Amateurisme Ferriss Film Jitske Lundgren JUX Nepal Paragliding Personal experience Pretenties Tips

FRESH / LATEST POSTS

  • Blog Collateraal in Nepal

    Sinds afgelopen zondag is er in Nepal een nieuw load-shedding schema ingegaan. Load-shedding staat hier …

  • Blog Verloren enthousiasme en witte Suzuki’s

    In de eerste zes weken van mijn verblijf in Nepal heb ik een zeer uitgebreid …

  • Blog Hoe pretenties te overwinnen en van amateurisme je kracht te maken

    Een paar dagen geleden is het Kathmandu International Mountain Filmfestival begonnen. Het aanbod is van …

  • Blog Anarchie

    Na twee uur wachten was het zo ver. Vlak voor de sprong vraagt een Nepali …

  • Bookmarks

    • Barry Menger
    • Dorien Pfauth
    • Ernst-Jan Pfauth

Copyright © 2008 by Mix'in Motion. All rights reserved. Design by Barry Menger. Based on Modicus theme by Upstart Blogger.